De Nederlandse burger wordt steeds armer

Ontelbaar veel artikelen zijn er de afgelopen jaren geschreven over de teloorgang van de Amerikaanse middenklasse, de veel bejubelde ruggengraat van de economie van dat land. Sinds jaar en dag zet deze middenklasse financieel kleine stapje terug, ondanks het feit dat de economie van de VS tot enkele jaren terug gemiddeld 3% groeide. Een steeds groter deel van de groeiende economische koek kwam terecht in de zakken van het (internationale) bedrijfsleven en de allerrijksten, de beruchte one percenters!


Rijk

Dit type artikelen lokte steevast meewarige reacties over het onrechtvaardige economische systeem in de VS. Vreemd genoeg vroeg niemand zich af hoe de trend in Nederland zou zijn. Volgens de politiek en de opiniemakers was en is Nederland een van de rijkste landen ter wereld en zijn wij, de burgers, de gelukkigste van de wereld. Dat laatste is in ieder geval niet langer waar. Nederland is een land van sombermannen geworden. Trouwens het eerste is al evenmin waar. Dat leert recent onderzoek van de Nederlandsche Bank naar de ontwikkeling van het beschikbare inkomen over de laatste twintig jaar.

Koopkracht

De uitkomsten stellen niet gerust. De koopkracht van de gemiddelde Nederlander is in de afgelopen vijftien jaar nauwelijks gestegen, hoewel de economie in die periode flink is gegroeid. Sinds begin jaren negentig is de ontwikkeling van het beschikbare inkomen sterk achtergebleven bij de groei van de totale economie, stelt DNB. Vanuit de economische theorie wordt juist verwacht dat de ontwikkeling van het inkomen min of meer in de pas loopt met de groei van het bruto binnenlands product (bbp), gemeten over een langere periode. Maar het aandeel van het inkomen van huishoudens in het totale bbp is sinds 1992 gedaald van 54 procent naar 45 procent. Was dat aandeel gelijk gebleven, dan hadden huishoudens gezamenlijk ongeveer 60 miljard euro extra te besteden gehad. Anders gezegd, in 2012 had de Nederlandse burger gemiddeld evenveel te besteden als in 1997!

Winstgevendheid

Waar is al dat geld gebleven? Vooral bij bedrijven en de overheid, zo stellen de DNB-onderzoekers. Het bedrijfsleven – exclusief de financiële sector – zag zijn aandeel stijgen. Ging in 1987 nog slechts 3 procent van het bbp naar bedrijven, vorig jaar lag dat aandeel al op 10 procent. De winstgevendheid van het bedrijfsleven is flink verbeterd dankzij jaren van loonmatiging, stelt DNB. Daarnaast is geprofiteerd van lagere rentelasten en een lagere winstbelasting, en tegelijkertijd zijn de inkomsten uit buitenlandse deelnemingen toegenomen. De extra inkomsten worden slechts ten dele weer uitgekeerd in de vorm van dividend. Veel blijft in de ondernemingen.

Overheid

Ook de overheid legt beslag op een steeds groter deel van de economie. Nu eist de staat een kwart op van het bbp. In 1992 was dat nog 21%. Volgens DNB zit het verschil voornamelijk in uitgaven van de overheid aan onderwijs en zorg. Die stegen van 12,5 procent van het bbp in 1992 naar 17,5 procent vorig jaar. Die groei is vooral te verklaren uit hogere uitgaven aan de zorg, aldus DNB. Daar staat tegenover dat voor zaken als politie, openbaar bestuur en defensie de uitgaven constant zijn gebleven of zelfs gedaald (defensie).

Lasten

Niet alleen grijpt de burger naast een steeds groter deel van de koek, maar ook de lasten zijn in de loop van de jaren toegenomen. Zo zijn de pensioenpremies sinds eind jaren negentig flink gestegen. Werd in de periode 1987-1997 gemiddeld 3% van het bbp opzij gelegd voor later, inmiddels is dat opgelopen tot 6%.

DNB stapt wel heel gemakkelijk over deze terugval in beschikbaar inkomen heen. De Bank stelt, dat zowel voor de pensioenen als de collectieve uitgaven van de staat geldt dat deze weer ten goede komen aan iedereen. De burger mag immers rekenen op een mooi pensioen en goede zorg op zijn oude dag. Maar is dat wel zo?

De afgelopen jaren hebben geleerd, dat het pensioen allerminst waardevast is. Jaar in, jaar uit gaat de zogeheten indexering niet door. Dat betekent elke keer opnieuw minder beschikbaar inkomen voor de pensioengenieter. Tegelijkertijd propageert de overheid een grotere zelfredzaamheid van de Nederlandse burger. Zodoende kunnen de kosten van de gezondheidszorg dalen. In feite gaat het om een enorme verschraling van de zorg. Voor meer premie en hogere belastingen krijgt u minder! Ook in Nederland is de burger de klos!

Cor Wijtvliet

Bron:

De Nederlandsche Bank, Minder geld in de huishoudportemonnee. DNB Bulletin, juli 2013

>> Wilt u de dagelijkse column van Cor Wijtvliet zonder een dag vertraging ontvangen? Klik hier om u aan te melden voor de gratis Wijtvliets Investment Insider nieuwsbrief! <<