Video: Paul Buitink in gesprek met Sander Boon

Paul Buitink sprak voor Café Weltschmerz met politicoloog Sander Boon over het op kredieten gebaseerde financiële systeem dat zich de afgelopen decennia heeft ontwikkeld. Boon merkt op dat centrale banken het ineenstorten van het financiële systeem wisten te voorkomen met een overvloed aan liquiditeit, maar dat daarmee de fundamentele problemen niet zijn opgelost.

Sterker nog, met het opkopen van staatsobligaties en hypotheekleningen verkleinden centrale banken het aanbod van kwalitatief goed onderpand, waardoor er een verkrapping en een afnemende liquiditeit te zien is in het financiële systeem.

Sander Boon merkt op dat de financiële markten eigenlijk al sinds 2013 niet meer geloven wat centrale bankiers zeggen. Centrale banken zeggen wel dat ze de rente gaan verhogen, maar de markt ziet dat de economische groei die daarvoor vereist is er helemaal niet is.

We hebben een aantal passages van het interview hieronder uitgeschreven. De video duurt een half uur en is absoluut de moeite waard!

Klik hier voor meer video’s van Café Weltschmerz

Deflatie of hyperinflatie?

“De afgelopen dertig tot veertig jaar is bij de dalende rente de totale schuld enorm gestegen, in Nederland hebben we dan ook nog eens een hele hoge de hypotheekschuld. Als je wereldwijd kijkt zie je dat als gevolg van die schulden er nu een heel deflatoire pool van schulden is. Het is heel moeilijk om daar uit te komen.

sanderboonHet hangt er nu een beetje vanaf wat centrale banken en overheden gaan doen. In wezen is er niet zo veel verschil tussen deflatie en hyperinflatie. Onder deflatie kiest de bevolking voor de veiligheid van cash en bij hyperinflatie kiest men voor de veiligheid van fysiek goud. Een hyperinflatie gemeten in goud is eigenlijk ook gewoon deflatie, want alle prijzen dalen dan in termen van goud…

Bij sommige centrale banken, zoals in Engeland en de Verenigde Staten en binnen bepaalde wetenschappelijke economische kringen zie je wel signalen dat cash moet worden afgeschaft. Ze zeggen dan dat dat handig is, vanwege het gebruik van cash geld voor terrorisme en criminaliteit….

Er zitten veel morele argumenten onder om contant geld af te schaffen, maar eigenlijk reden is dat in een omgeving waarbij de rente negatief is mensen een prikkel hebben om in cash te sparen. Als mensen dat massaal gaan doen geeft dat een deflatoire druk op de prijzen van assets.”

Over de pensioenfondsen…

“Ik moet eerlijk zeggen dat het niveau van economisch denken in de sector van me tegenvalt. In de zin dat heel veel mensen bijvoorbeeld hun rentevisie gebaseerd hebben gebaseerd op: de rente zal wel omhoog gaan, want hij was al een hele tijd laag. Dat is geen basis van economisch denken, dat is geen logica maar een geloof.

Wat zijn omstandigheden waarin die omhoog zou gaan of waarom die laag zou blijven, dan vinden ze het heel moeilijk om daarmee te spelen. Dat is overigens een van de redenen waarom wij een kwantitatieve tool hebben ontwikkeld om in scenario’s te kunnen nadenken over wat je doen met je assets.

Als de centrale banken eigenlijk geen controle meer hebben om de economie op de rails te krijgen, dan zul je in dit systeem dus zelf na moeten gaan denken over wat er aan de hand is.”

Over het falen van de verzorgingsstaat

“Wat me op is gevallen is dat politici eigenlijk al wel honderd jaar veel meer geld willen uitgeven dan ze binnenkrijgen, daarvoor was het nodig om te kunnen lenen. En ze hebben in dat hele spel – er zijn een hoop dingen gebeurt zoals een grote depressie, de Eerste Wereldoorlog, de Tweede Wereldoorlog – staatsobligaties een steeds grotere rol gegeven in het banksysteem. En dat gaf overheden eigenlijk, in samenspraak met centraal bankiers, de mogelijkheid om obligaties liquide te houden. Daarmee konden overheden mooie dingen doen voor de mensen, gebaseerd op geleend geld.

Na de Koude Oorlog en de val van de Berlijnse muur en de Sovjet-Unie zei men dat het kapitalisme gewonnen had, maar als ik nu kijk naar de ontwikkelingen in West-Europa en Amerika, dan concludeer ik eigenlijk nu na die crisis van 2008 dat eigenlijk niet zozeer het kapitalisme is gevallen, maar dat de sociaaldemocratie nu in crisis verkeert. Het op leningen gebaseerde voortbestaan van verzorgingsstaten. Dat thema wil ik in een nieuw boek graag uitdiepen, ik zie veel parallellen.

Daar ben daar overigens ik niet alleen in. Als je bijvoorbeeld boeken leest van Vaclav Havel, een dissident uit Tsjecho-Slowakije, dan is dat een man die in 1978 al de parallellen heeft gezien tussen de centralistische bestuursstructuur van het Oostblok en die van het Westen. Dat is een gradueel verschil, geen fundamenteel verschil.”

Systeemcrisis

“Vaclav Havel zei al: Er zijn eerst dissidenten, dan klonteren de dissidenten zij zich samen en daaromheen gaan groepen ontevreden mensen komen. Dat zijn parallelle samenlevingen en die hollen het systeem uit. Dat is ook precies wat je nu ziet gebeuren bij ons.

Ze ziet grote onvrede, je ziet de flanken van de politieke partijen groeien, het midden bloedt leeg. ZZP’ers en jongeren die niet aan een pensioen willen deelnemen en die bijvoorbeeld gebruik van auto’s willen delen… Je ziet overal een systeemcrisis van deze politiek economische constellatie, van deze samenwerking tussen overheden en banksysteem.”

Lees ook: