Deflatie-in-aantoch-coverBegin deze maand verscheen alweer de negende druk van het boek ‘Deflatie in Aantocht’, geschreven door Eric Mecking en Elmer Hogervorst. Toen in 2005 de eerste druk van dit boek verscheen was men blijkbaar nog niet klaar voor een kritisch geluid, want het boek kreeg gemengde recensies.

Maar het duurde niet lang voordat de historicus Eric Mecking gelijk kreeg. In 2008 brak de grootste financiële crisis uit sinds de Grote Depressie. Financiële instellingen stonden op omvallen en werden met noodgrepen van centrale banken en overheden overeind gehouden of genationaliseerd. De aandelenmarkt stortte in elkaar en de huizenprijzen begonnen te dalen. Eerst alleen in de Verenigde Staten, maar later ook in verschillende Europese landen.

We spraken in Amsterdam met Eric Mecking en Elmer Hogervorst over de nieuwste editie van het boek Deflatie in Aantocht. Hoe komen we deze crisis weer te boven? En wat staat ons nog te wachten? En kunnen we lessen trekken uit het verleden?

Het is alweer zeven jaar geleden dat de financiële crisis uitbrak. Waar staan we nu?

Sinds het uitbreken van de financiële crisis in 2008 zijn de wereldwijde schulden met 40% gestegen, zo merkt Eric Mecking op. We hebben de kredietcrisis dus helemaal niet opgelost, we hebben alleen maar tijd gekocht en het probleem nog groter gemaakt. Veel van de economische groei die we nu zien is mogelijk gemaakt door goedkoop krediet en door ingrijpen van overheden en centrale banken. Centrale banken hebben banken nieuw geld gegeven in ruil voor slechte leningen en aandelenkoersen stijgen omdat spaarders door de lage rente de beurs op gaan. De huizenmarkt trekt ook weer aan, maar dat is alleen maar omdat de rente zo extreem laag is en omdat de overheid verschillende maatregelen heeft toegepast om het kopen van een huis te stimuleren.

Dat alles heeft gezorgd voor stijgende aandelenkoersen en een herstel van de huizenprijzen in de populairste gebieden. Maar van een fundamenteel herstel van de economie is nog steeds geen sprake. De werkloosheid ligt nog steeds hoger dan voor de crisis en veel mensen zitten in deeltijdbanen, hebben nulurencontracten of werken als ZZP’er. Voor deze grote groep mensen is de economische situatie veel onzekerder geworden sinds het uitbreken van de crisis.

Centrale banken en overheden hebben een complete ineenstorting van het financiële systeem vooralsnog weten te voorkomen. Hadden jullie dat verwacht?

Enerzijds verbaast het ons wel, maar aan de andere kant ook niet. Centrale banken en overheden hebben ongekende maatregelen gebruikt om de bankensector overeind te houden. Zij willen natuurlijk voorkomen dat het huidige financiële systeem uit elkaar valt. Alles was er dus op ingesteld om het huidige falende systeem in stand te houden en daarvoor werden de zwaarste middelen ingezet.

Al in 2005 voorzagen jullie dat er een grote crash zou komen. Waarop was deze verwachting gebaseerd?

Als je goed kijkt naar het verleden zie je steeds terugkerende patronen. De aanloop naar de crisis van 2008 was voor een groot deel vergelijkbaar met de ‘Roaring Twenties’ in de Verenigde Staten, de periode waarin de economie opbloeide door een ongekend optimisme over de toekomst. In beide gevallen werd er volop met geleend geld gespeculeerd. In de jaren twintig gebeurde dat vooral met aandelen, in de aanloop naar de crisis van 2008 vooral met vastgoed.

roaring-twentiesEn net als in de jaren twintig van de vorige eeuw was er ook aan het begin van de 21e eeuw sprake van een ongekend optimisme. Op een gegeven moment kon je in Nederland bij de bank een hypotheek krijgen van 130% ten opzichte van de waarde van het huis. En dat kon ook nog eens aflossingsvrij! De Nederlandsche Bank en de AFM stonden erbij en lieten het allemaal maar gebeuren.

Men dacht dat de huizenprijzen alleen maar verder konden stijgen en daarom namen huiseigenaren zonder problemen een extra lening op hun huis om die nieuwe keuken, een verbouwing of zelfs een vakantie of nieuwe auto te financieren. Toen ik dat allemaal zag ben ik me pas echt zorgen gaan maken. Ik heb toen het boek ‘Deflatie in Aantocht’ geschreven om mensen te waarschuwen voor de gevolgen van dat roekeloze leengedrag.

In het boek besteden jullie veel aandacht aan de Kondratieff cyclus…

Als je naar de geschiedenis kijkt zie je steeds langdurige golfbewegingen in de economie. De Russische econoom Nikolai Kondratieff (1892-1946) was een van de eerste die over deze golfbeweging publiceerde. Veel later werden zijn ideeën opgepikt door de Oostenrijkse econoom Schumpeter, die de verschillende fasen van deze cyclus vergeleek met de vier seizoenen.

Net zoals de natuur vier jaargetijden kent, zo kent ook de economie volgens Schumpeter verschillende fasen. Net als in de natuur kunnen die jaargetijden van de economische cyclus korter of langer duren en in kracht verschillen. Sommige jaren hebben we een strenge winter, andere jaren juist een zachte. Dat betekent ook dat de winterperiode van de Kondratieff cyclus de ene keer veel strenger is dan de andere keer.

We zijn ervan overtuigd dat deze terugkerende patronen in de economie te maken hebben met het natuurlijke gedrag van mensen. Menselijke kenmerken als hebzucht en angst waren in het verleden niet anders dan nu. Daarom blijkt steeds weer dat we als collectief niet in staat te zijn van de geschiedenis te leren en daarom is er eens in de zoveel tijd sprake van een grote crisis. Vroeger had de economische cyclus een lengte van ongeveer vijftig jaar, maar omdat de gemiddelde levensverwachting is toegenomen is deze cyclus nu een paar jaar langer geworden.

Kondratieff cycles

Kondratieff cycli en de aandelenmarkt (1814-2009)

Vergelijken we de Chinese beurscrash van afgelopen zomer met de beurscrash in de Verenigde Staten van 1929, dan zien we ook veel overeenkomsten. Zowel de duur als de omvang van de correctie was vergelijkbaar en ook was er in de aanloop naar beide beurscrashes het gedrag van beleggers vergelijkbaar. Net als in de jaren ’20 van de vorige eeuw werd beleggen speculeren en was het opeens hip om in aandelen te zitten. Door met geleend geld te beleggen konden de koersen naar een onhoudbaar hoog niveau stijgen en was een crash onafwendbaar.

Vlak voor de beurscrash van 1929 wisten ook schoenenpoetsers welke aandelen je moest kopen. En afgelopen zomer was het in China voor heel veel mensen opeens hip om in aandelen te beleggen. Iedereen die maar een beetje geld had zat met zijn of haar telefoontje de aandelenkoersen te bekijken en te handelen. Als we iets van de geschiedenis kunnen leren is het wel dat je niet moet beleggen in iets waar de massa al in zit.

De geschiedenis herhaalt zich omdat het gedrag van mensen niet verandert. Men is gedoemd fouten uit het verleden te herhalen. Dat heeft de Duitse filosoof Georg W.F. Hegel (1770-1831) al eens mooi verwoord. Hij zei ooit dat de geschiedenis ons uiteindelijk alleen maar leert dat mensen er niets van willen leren. We kunnen hem niet meer gelijk geven…

image001

De beurscrash in China vergeleken met de Dow Jones in 1929 en 1930

Hebben we het dieptepunt van de crisis al bereikt?

Sinds het voorjaar van 2009 zit de aandelenmarkt in een opwaartse trend. En zelfs over de huizenmarkt horen we de laatste tijd steeds meer positieve geluiden. Maar als we er kritisch naar kijken zien we eigenlijk maar weinig lichtpuntjes. Zoals gezegd ligt de werkloosheid nog steeds hoger dan voor de crisis en is er voor heel veel mensen minder baanzekerheid.

Het herstel van de aandelenmarkt en het aantrekken van de huizenmarkt is grotendeels te verklaren door de extreem lage rente, waardoor men meer kan lenen. Volgens sommige economen klimmen we alweer uit het dal en zitten we alweer in een opgaande fase van de economie. Jaap van Duijn, een econoom die zich gespecialiseerd heeft in conjunctuur en cycli, is bijvoorbeeld van mening dat we aan de vooravond staan van een volgende opwaartse innovatiecyclus. Een innovatiecyclus waarin technologiebedrijven als Facebook, Apple, Tesla en dergelijke een belangrijke rol spelen.

Dat zijn weliswaar interessante ontwikkelingen, maar desondanks blijven wij van mening dat de grote economische trend nog steeds neerwaarts is. De wereldwijde schulden nemen onhoudbare proporties aan en dat is ook de reden dat centrale banken de rente nog niet durven te verhogen. Voordat we aan de volgende bloeifase van de economie komt moeten we eerst wat doen aan die onhoudbare schulden.

Lees ook:

Wat moeten we met al die schulden doen?

We kunnen pas uit de crisis komen als we de schuldenlast terugbrengen naar een aanvaardbaar niveau. Dat betekent dat er linksom of rechtsom verliezen geleden moeten worden. Laten we de schulddeflatie zijn gang gaan, dan wacht ons in het beste geval een lange periode van economische krimp, dalende consumentenbestedingen en een dalend welvaartsniveau. Besluiten we schulden kwijt te schelden, dan moeten spaarders direct grote verliezen incasseren.

In plaats daarvan kiest men voor de route die op korte termijn de minst dramatische gevolgen heeft, namelijk die van financiële repressie. Denk aan een extreem lage of zelfs negatieve rente, het uitbannen van contant geld, bail-ins en de eventuele invoering van een spaardersheffing. Tot een bepaald niveau zullen mensen dat accepteren, maar als overheden en centrale banken daar te ver in gaan zal men vanzelf uit dit financiële systeem vluchten.

Stel je eens voor dat de rente op spaargeld negatief wordt, dan haal je je geld toch weg bij de bank? De stap naar goud en zilver kopen ligt dan opeens veel meer voor de hand voor een grote groep mensen.

Komt er een revolutie?

Het is naïef te denken dat zoiets ons niet zal overkomen, omdat we in een Westerse beschaving leven. De geschiedenis leert ons dat het eerst heel erg slecht moet gaan, voordat er grote veranderingen komen. We zijn vandaag de dag getuige van het falen van onze verzorgingsstaat en welvaartsstaat. Politici hebben heel veel beloftes gedaan aan het volk, maar nu wordt het voor steeds meer mensen zichtbaar dat deze niet waargemaakt kunnen worden.

Neem als voorbeeld ons pensioenstelsel. We dachten dat we genoeg gespaard hadden voor de oude dag, maar nu de rente zo laag is komen we opeens in de problemen. Het benodigde rendement wordt niet meer gehaald, wat betekent dat er in de toekomst minder pensioen uitgekeerd kan worden. De jongere generatie heeft al geen hoge verwachtingen meer dat er nog genoeg pensioengeld over is op het moment dat zij het nodig hebben. Ondertussen worden de rekenregels aangepast en de premies verhoogd, waarmee de indruk wordt gewekt dat de pensioenproblemen niet van structurele aard zijn en dat deze met wat kleine aanpassingen verholpen kunnen worden.

Kan de Federal Reserve de rente verhogen?

In 1927 moest de Fed de rente verlagen om een kapitaalvlucht uit Europa richting de Verenigde Staten af te remmen. Nu hebben we een vergelijkbare situatie met de Federal Reserve en de dollarschulden in emerging markets. Dat de Federal Reserve de rente in september niet durfde te verhogen geeft al aan dat de centrale bank machteloos staat. Eigenlijk zou ze de rente juist moeten verlagen, maar die ruimte heeft de centrale bank niet meer.

Het verder verlagen van de rente is eigenlijk geen optie. Het verder uitbreiden van QE is nog wel mogelijk, maar we hebben de afgelopen jaren gezien dat deze vorm van stimulering slechts een zeer beperkte impact heeft op de reële economie. Deflatie blijft de boventoon voeren en zal volgens onze analyse ook de komende jaren een drukkend effect hebben op de prijzen.

Fed1920

In 1927 verlaagde de Fed juist de rente om een kapitaalstroom richting de VS af te remmen

Biedt goud een uitweg?

Sinds 1971 is er geen monetair anker meer. Sindsdien begon alles te ontsporen. We kregen de oliecrisis, gevolgd door een periode van zeer hoge inflatie en geldontwaarding. Het geld verliest aan waarde en het is slechts een kwestie van tijd voordat men het vertrouwen verliest in overheden en centrale banken. Het wordt steeds duidelijker dat ook zij het antwoord niet meer weten en ons niet de weg naar economische groei en voorspoed kunnen brengen.

Men voelt dat er iets niet goed zit en daarom begint er al een vlucht richting tastbare zaken. Dat komt in een stroomversnelling als de financiële repressie toeneemt. De massa schuilt nog steeds in staatsobligaties, maar wat als deze niet meer veilig zijn? Dan moet men op zoek naar een andere vluchthaven. Historisch gezien kom je dan steeds weer uit bij edelmetalen.

Toch verwachten wij geen terugkeer naar een goudstandaard, omdat een koppeling van geld aan goud niet vol te houden is. Dat hebben de Amerikanen in het verleden al eens geprobeerd, totdat het buitenland op een gegeven moment het vertrouwen opzegde en massaal goud begon op te vragen in ruil voor hun dollarreserves. Het buitenland was er niet gerust op dat ze ooit nog goud zouden zien, omdat de Amerikaanse overheid tegelijkertijd een kostbare oorlog in Vietnam en een uitbreiding van de verzorgingsstaat probeerde te financieren.

De goudvoorraad van de VS daalde eind jaren ’60 zo snel dat de toenmalige Amerikaanse president Nixon een einde maakte aan de inwisselbaarheid van goud. Hieruit kunnen we concluderen dat er met een goudkoppeling altijd gefraudeerd en geknoeid kan worden. Dat is ook wat er door de geschiedenis heen steeds weer gebeurde, zo merkt Mecking op. Dat gebeurde met papiergeld en met het verlagen van de hoeveelheid goud en zilver in muntstukken.

Er zijn meer voorbeelden van te vinden in de geschiedenis. Iedere keer als de twijfel over de waarde van het geld toeneemt, wil men het papiergeld en de tegoedbonnen inwisselen voor fysiek goud of zilver. Dat gebeurde in Frankrijk in het tijdperk van John Law en dat gebeurde in Nederland met de zilverbonnen.

Wat is jullie verwachting voor de goudprijs?

Elmer Hogervorst ontwikkelde een cyclisch model om de ontwikkeling van de goudprijs te simuleren. Volgens dat model zou de goudprijs in juli dit jaar een bodem bereiken, om vervolgens weer in een opwaartse cyclus te komen. Deze opwaartse beweging zal volgens hem aanhouden tot 2018, waarbij de prijs van goud meerdere keren over de kop gaan. Hogervorst merkt op dat het een parabolische beweging zal zijn, waarbij de grootste stijging gerealiseerd wordt in de allerlaatste fase van de cyclus. Ook de zilverprijs zal volgens dit model de komende jaren weer in een opwaartse trend komen.

Kan Bitcoin vandaag de dag een rol van betekenis spelen?

De opkomst en de populariteit van virtuele munten als Bitcoin maakt duidelijk dat er iets broeit en dat men zoekt naar alternatieven voor een falend geldsysteem. Maar we geloven niet dat men massaal zal overstappen op virtuele munten. Men zal in het extreme geval eerder kiezen voor iets dat zich in het verleden bewezen heeft, namelijk goud en zilver. Bitcoin is interessant, maar we verwachten er eerlijk gezegd niet teveel van.

Machtsverschuiving richting Azië

Als je verder terugkijkt in de geschiedenis zie je dat de Westerse wereld niet altijd de meest dominante wereldmacht was. Voor 1800 lag het zwaartepunt van de wereldeconomie namelijk ook al in Azië, zoals de volgende historische grafiek laat zien. China en India waren toen de grootmachten, met een gezamenlijke economie die groter was dan de helft van de wereldeconomie.

economic-power-asia

Economische macht verschuift terug naar Azië

Volgens Mecking en Hogervorst is het slechts een kwestie van tijd voordat China de rol van wereldleider weer zal overnemen van de Verenigde Staten. Na de Tweede Wereldoorlog lag Europa in puin en had de VS de grootste industriële basis. De afgelopen decennia is die onder het mom van globalisering verschoven richting Azië. Dat is nu de regio waar het meeste groeipotentieel zit.

Regelmatig lezen we berichten dat China haar kapitaalmarkt verder wil openstellen en dat ze haar munt wil laten opnemen in de SDR. Deze ontwikkelingen zijn niet meer tegen te houden. We gaan van een falend Bretton Woods systeem naar een systeem dat bepaald zal worden door Beijing. China heeft een beslissende rol gekregen in de hervorming van het wereldwijde monetair systeem, net zoals de Verenigde Staten na de Tweede Wereldoorlog de rol van wereldleider op zich nam.

En hoe zien jullie de toekomst voor Europa?

Wat ons betreft zijn er in een te korte tijd teveel landen toegevoegd aan de muntunie. Daardoor is er momenteel onvoldoende politieke en fiscale eenheid in het beleid. Historisch gezien is dat geen succesvolle combinatie gebleken. We zien nu al dat de sterke eurolanden moeten opdraaien voor de problemen van de zwakkere lidstaten van de muntunie.

Deze vorm van solidariteit kent zijn grenzen. We kunnen de schulden van een land als Griekenland wel op de lange baan schuiven en een soepele terugbetalingsregeling treffen, maar we zijn het er denk ik wel over eens dat er een grote kans is dat het geld dat we aan de Grieken hebben uitgeleend helemaal niet meer terug komt.

Wil het Europese project met een gemeenschappelijke munt een succes worden, dan moet er op Europees niveau een centralisering van de macht plaatsvinden. Het is nog maar de vraag of daar onder de Europese bevolking genoeg draagvlak voor te vinden is. Kijk naar de populariteit van politici die zich sterk tegen Europa keren (Wilders in Nederland, Marine Le Pen in Frankrijk). Komt er ergens in Europa een populist aan de macht, dan bestaat de kans dat het betreffende land uit de muntunie zal stappen.

Erik Mecking ziet in het Europese eenwordingsproject een parallel met de geschiedenis van Nederland, namelijk met de Patriottentijd. Nadat Frankrijk in 1795 de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden had veroverd ontstond er een discussie over hoe deze nieuwe Republiek bestuurd moest worden.

Het land werd verdeeld in twee groepen: De Unitariërs die vonden dat de macht gecentraliseerd moest worden, terwijl de Federalisten aan de andere kant de oude machtsstructuren (van de provinciën en de steden) in stand wilden houden. Het land dreigde daardoor onbestuurbaar te worden, totdat in 1798 de knoop werd doorgehakt met een staatsgreep van achtereenvolgens de radicale en de gematigde Unitariërs. Een jaar later, in 1799, werd het oude systeem van de Zeven Provinciën opgeheven en werd de macht gecentraliseerd. De nieuwe eenheidsstaat kreeg één wet, één begroting en gelijke belastingen voor iedereen. Europa staat nu voor een soortgelijke uitdaging als de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Europa mist niet alleen een fiscale, maar ook een politieke eenheid. Kijk hoe Europa worstelt met de vluchtelingencrisis. Dit probleem dreigt Europa plat te leggen, want de verwachting is dat er nog veel meer vluchtelingen naar Europa toe komen. Al deze mensen hebben onderdak nodig en op termijn moet er ook werkgelegenheid voor ze zijn. Dat verhoogt de druk op de samenleving.

Tot slot: Wat moet je nu doen als je vermogen hebt?

In de nieuwste druk van ons boek Deflatie in Aantocht bespreken we ons HAAST model. Dit is een soort stappenplan dat je kunt doorlopen om je financieel voor te bereiden op de economische onzekerheden die de toekomst kan brengen. De letters staan voor hypotheek, aflossen, alternatieven, sparen en troy ounce. We hoeven denk ik niet uit te leggen waar dat laatste voor staat.

We hebben het model zo genoemd omdat we van mening zijn dat je als burger snel moet handelen. Belangrijk is dat je je vermogen niet alleen op papier bezit, maar dat je ook een deel moet omzetten in tastbare bezittingen. Ook is het in het deflatiescenario dat wij verwachten verstandig om je schulden af te bouwen. Wil je meer weten over ons model, lees dan de nieuwste druk van ons boek.

eric-mecking

Eric Mecking (1959) is historicus, schrijver, financieel economisch analist en spreker. Eric studeerde geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en schreef onder andere de boeken Het drama van 1918, Neutraal Nederland in Oorlogstijd en in samenwerking met Hogervorst het boek Goud, geld en zilver. Zie ook Alsgeldjeliefis.nl

 

 

 

 

elmer-hogervorstElmer Hogervorst (1965) adviseert vermogende particulieren, is auteur, spreker, columnist en analist. Hogervorst studeerde Nederlands recht en fiscaal recht in Amsterdam en Leiden. Hij heeft gewerkt bij belastingadvieskantoren en begeleide prijswinnaars van de Staatsloterij. Zie ook Hogervorstadvies.nl