De forse correctie op de wereldwijde aandelenmarkten zet ons even weer met beide benen op de grond. In de Verenigde Staten gingen de belangrijkste beursindices deze week met ongeveer 10% omlaag, terwijl de aandelen van de grootste Europese bedrijven in een week tijd ruim 7% van hun waarde verloren.

De correctie was hevig en kwam voor veel beleggers als een schok, omdat de aandelenkoersen de laatste maanden alleen maar omhoog leken te gaan. Toch is het geen vreemd verschijnsel, want sinds het begin van de bull market in aandelen in 2009 is het al vier keer eerder voorgekomen dat de aandelenkoersen meer dan 10% omlaag duikelden. De laatste keer was minder dan twee jaar geleden, toen een crash op de Chinese aandelenmarkt voor veel onrust zorgde.

Wat zegt deze correctie?

Het is normaal dat de koersen van aandelen, obligaties en grondstoffen niet in een rente lijn omhoog of omlaag gaan, dus een correctie als die van de afgelopen week is op zichzelf niet bijzonder. Maar zoals ik schreef is het wel een goed moment voor reflectie. Waren de aandelenkoersen de laatste maanden niet te hard gestegen? En zijn de verwachtingen van beleggers ten aanzien van de winstgevendheid van beursgenoteerde bedrijven niet veel te hoog geworden?

Met andere woorden, waren de aandelenkoersen voor deze correctie wel een goede weerspiegeling van de realiteit? Dat is een discussie waarover de meningen waarschijnlijk sterk verdeeld zijn. Kijken we naar de macro-economische cijfers, dan zou je de indruk krijgen dat de economie uitstekend draait. Maar zit er geen addertje onder het gras?

Minder sparen

Afgelopen week kwam de Rabobank met een rapport waaruit bleek dat huishoudens er in de afgelopen veertig jaar qua besteedbaar inkomen niet veel op vooruit zijn gegaan. Ook kwam de Nederlandsche Bank met het bericht dat we vorig jaar nauwelijks meer gespaard hebben. Misschien hebben we dat geld gebruikt om te beleggen in aandelen of om af te lossen op de hypotheek, maar het zou ook zomaar kunnen dat huishoudens meer zijn gaan consumeren.

Ook in de Verenigde Staten sparen huishoudens steeds minder. Dat is op zich wel te begrijpen, want met de stijgende huizenprijzen voelen mensen met een eigen huis zich rijker en durven ze meer geld uit te geven. Dat is zeker in Nederland het geval, waar de huizenprijzen sterk meebewegen met de stand van de economie en de ontwikkeling van de rente.

Met het vooruitzicht van een stijgende rente kan het groeiverhaal van de afgelopen jaren als sneeuw voor de zon verdwijnen. Kunnen huishoudens door een hogere hypotheekrente minder geld lenen voor een woning, dan zal dat een negatief effect hebben op de huizenprijzen en daarmee op het consumptiepatroon van huishoudens. In 2010 en 2011, toen de huizenprijzen nog flink omlaag gingen, begonnen we massaal te sparen. Zie daarvoor de cijfers van de Nederlandsche Bank verderop in deze nieuwsbrief.

Meer sparen betekent dat de rem op de consumptie gaat en dat kan in het slechtste geval uitdraaien op meer faillissementen en een oplopende werkloosheid. Een stijging van de rente is voor onze met schuld overladen economie dus zeer bedreigend…

Frank Knopers

Deze column van Frank Knopers verscheen eerder op GoudstandaardGoudstandaard is gespecialiseerd in de verkoop en opslag van fysiek edelmetaal. Wilt u meer informatie over beleggen in edelmetalen? Bel ons op +31(0)88 46 88 488 of mail naar [email protected].