Technologie ondermijnt de democratie

Onlangs vond in het Zwitserse Davos weer het World Economic Forum plaats, de jaarlijkse praatsessie van de Groten der Aarde. Tijdens één van de vele bijeenkomsten liet Eric Schmidt, de ceo van Google, zich ontvallen, dat er een wedstrijd gaande is tussen computers en mensen. Voor hem was het uiterst noodzakelijk, dat de mensen deze wedren winnen. Zo niet, dan leidt de overwinning van de technologie op de mens tot de destructie van de wereld zoals we die nu kennen. Dat legt de bijl aan de wortels van de Westerse democratie.

Schmidt staat niet alleen in zijn opvatting dat de huidige snelle technologische ontwikkeling grote gevaren in zich bergt. Ook de bekende Amerikaanse econoom Lawrence Summers vraagt aandacht voor de donkere kanten ervan. Ook voor hem is dat in de eerste plaats grootschalige vernietiging van werkgelegenheid en banen. Het is volgens hem daarom een dure plicht voor overheden ervoor te zorgen, dat de hele maatschappij kan genieten van de voordelen van de technologische revolutie.

Summers betwijfelt echter of de huidige generatie politici daar wel de kwaliteiten voor heeft. Hij doet dat met een verwijzing naar politieke grootheden uit het verleden. Mannen als de Brit Gladstone, de Amerikaan Teddy Roosevelt en de Duitser Bismarck waren politiek leider in een tijd van de industriële revolutie. Telefoon, telegraaf, elektriciteit en de verbrandingsmotor zette de wereld van eind 19e eeuw totaal op zijn kop. Genoemde politici hebben niet gepoogd de revolutie van hun dagen de kop in te drukken. Integendeel, maar ze beseften wel, dat ze de werkende klasse van die dagen deelgenoot moest laten worden van die revolutie. Zo niet, dan zou die zich weleens kunnen afkeren van de bestaande maatschappij en zodoende de legitimiteit van het systeem aantasten. Om de hele maatschappij te laten delen in de voordelen van de industriële revolutie was het nodig om de macht van baronnen en kartels te breken. Democratie, de politieke macht van velen, moest het antwoord worden op de economische macht van de enkeling.

Voor mensen als Summers en Eric Schmidt is de uitdaging van de 21e eeuw opnieuw het bevorderen van zowel technologische innovatie als democratische vrijheden en verworvenheden. Voor de Victorianen van de 19e eeuw was de staat bedoeld om de vrije markt niet te laten ontsporen ten behoeve van de enkeling. De ideale staat in hun ogen was de nachtwakerstaat, niet de politiestaat. De nieuwe technologische revolutie dreigt niet alleen een economische elite te scheppen, die opnieuw de vrije markt wenst te vervangen door kartels en monopolies. Ze bergt ook het gevaar in zich de staat onbeperkte mogelijkheden te geven om in het leven van de gewone burger te snuffelen en zijn vrijheden geleidelijk in te perken.

De schandalen rondom de Amerikaanse NSA en de Nederlandse AIVD onderstrepen, dat dit geen denkbeeldig verhaal is. Het is al bijna de realiteit van alledag. We hebben al te maken met een paranoïde overheid, die steeds meer controle wenst uit te oefenen over alledag. Tegelijkertijd zien we, dat het vertrouwen van de westerse burger in de democratische instituties naar een bedenkelijk laag niveau is gezakt. We hebben geen vertrouwen meer in onze politici, maar evenmin in, bijvoorbeeld, onze rechterlijke macht die moet toezien op het naleven van het democratisch spel.

Gevraagd: een nieuwe generatie ‘Victorianen’ die de technologische revolutie weet te verankeren in een vitale democratische samenleving. De macht van velen moet opnieuw het antwoord worden op de ongecontroleerde macht van de enkeling.

Cor Wijtvliet

BronMichael Ignatieff, We need a new Bismarck to tame the machines. Financial Times, February 11 2014

Vragen en opmerkingen kunt u richten aan info@corwijtvliet.nl

Cor Wijtvliet

Cor Wijtvliet is onafhankelijk adviseur en expert voor Crash-Investor en auteur van Wijtvliets Investment Insider. Dr. Cor Wijtvliet is een zeer gerespecteerd, onafhankelijk analist die al 30 jaar succesvol actief is als analist, onderzoeker en adviseur.