‘Belasting op spaargeld mogelijk fors omlaag’

De belasting op spaargeld gaat mogelijk flink naar beneden. Op dit moment gaat de belastingdienst nog van uit van een rendement van 4% op het vermogen, maar door de extreem lage rente is dat rendement niet meer haalbaar zonder extra risico te nemen. Daarom zijn er plannen om het fictieve rendement te verlagen naar 2,4%, waardoor de heffing op het vermogen boven de grens van €21.330 veel lager zal uitvallen.

Door de extreem lage rente levert sparen al bijna geen geld meer op. Sterker nog, de vermogensrendementsheffing van effectief 1,2% is inmiddels al hoger dan de rente die de meeste banken geven op spaartegoeden. Nemen we ook het effect van inflatie mee in de berekening, dan teert de spaarders zelfs ieder jaar een beetje in op zijn of haar koopkracht. Door deze belasting te verlagen komt de commissie de spaarders tegemoet.

Belastinghervormingen

De verlaging van de vermogensrendementsheffing – ook wel de ‘spaartaks’ genoemd – maakt onderdeel uit van een reeks plannen om het Nederlandse belastingstelsel te vereenvoudigen. Naast een lagere belasting op vermogen boven de €21.330 wil de commissie Van Dijkhuizen ook de loonbelasting vereenvoudigen (van vier naar twee schijven, met de grens op €62.500) en de hypotheekrenteaftrek maximaliseren naar 30 procent. Verder bepleit de commissie het invoeren van een huishoudtoeslag, waarin de zorg- en huurtoestag en het kindgebonden budget worden samengevoegd tot één bedrag. De zorgtoeslag wordt in het voorstel direct verrekend met de zorgverzekeraar. Dit nieuwe systeem zou minder fraudegevoelig zijn en minder administratieve rompslomp met zich mee moeten brengen.

Na de zomer komt het kabinet met een reactie op de voorstellen van de commissie Van Dijkhuizen, zo schrijft de Stentor.

spaarpot