Vergelijkend warenonderzoek: de verhoren van de commissie De Wit & de congresverhoren in Amerika

 

De parlementaire enquêtecommissie De Wit heeft vorige week haar openbare verhoren voor deel twee van haar onderzoek naar de gebeurtenissen rondom het uitbreken van de kredietcrisis afgerond. De NOS heeft een puntsgewijze samenvatting gemaakt van de onderzoeksvragen van de commissie De Wit. Via NOS.nl:

Onderzoeksvragen
Vragen die aan de orde komen zijn bijvoorbeeld: Was het ingrijpen nodig, hoe zijn de crisismaatregelen tot stand gekomen, waren er andere oplossingen, zijn de problemen erdoor opgelost en waren de financiële risico's niet te groot?

Het onderzoek richt zich op de volgende ingrepen:

  • Op 3 oktober 2008 koopt de staat Fortis Bank Nederland, ABN Amro Nederland en de Nederlandse verzekeringsactiviteiten van Fortis voor in totaal 16,8 miljard euro.
  • Op 9 oktober 2008 stelt de staat 20 miljard euro staatssteun beschikbaar voor banken en verzekeraars. ING leent 10 miljard, Aegon 3 miljard en SNS 750 miljoen. Het grootste deel van deze bedragen is inmiddels terugbetaald.
  • Op 23 oktober 2008 wordt een garantieregeling voor banken in het leven geroepen. Die houdt in dat de overheid tegen betaling garant staat voor onderlinge leningen tussen de banken. LeasePlan was de eerste die van deze regeling gebruik maakte. Uiteindelijk is in totaal voor 50 miljard euro aan garanties verleend.
  • Op 7 oktober 2008 wordt het depositogarantiestelsel verhoogd tot 100.000 euro. Dat betekent dat als een bank failliet gaat, spaarders 100.000 euro van hun geld terug zullen krijgen. Voor de crisis bedroeg het maximum nog 38.000 euro van het spaargeld. De regeling geldt nog steeds.
  • Op 9 oktober 2008 besluit het kabinet dat Nederlandse spaarders bij de Icesave-bank linksom of rechtsom hun geld terugkrijgen, tot een maximum van 100.000 euro. Nederland schiet 1,3 miljard voor aan de Icesave-spaarders en wacht nog op terugbetaling.
  • Op 26 januari 2009 krijgt ING voor de tweede keer staatssteun. De overheid geeft een garantie af voor 80 procent van de Amerikaanse 'rommelhypotheken' van de bank. Hiermee zou een bedrag van 22 miljard euro gemoeid zijn.

De Nederlandse financials, of het nu om banken of verzekeraars gaat, hadden iets te veel hooi op hun vork genomen en met excessief veel geleend geld risicovol belegd. De miljardendans met de financiële sector waarin de Nederlandse belastingbetaler gezogen werd, leidde tot een miljarden toename van de Nederlandse staatsschuld en betekende dat privaat genomen risico's gedeeltelijk werden verplaatst naar de publieke balans van Nederlandse belastingbetalers die op hun beurt de rekening hebben doorgeschoven naar toekomstige generaties. 

Als vanzelfsprekend zag Nout Wellink de “systeem-crisis” in 2008 niet aankomen. Wel heeft hij in het verleden gewaarschuwd voor exotische derivaten, maar een crisis met de omvang zoals die in 2008 zich voordeed, hadden alleen “profeten” kunnen voorzien. Wellink kan moeilijk anders beweren. Immers, als hij zou zeggen dat hij het wel had zien aankomen, dan opent hij Pandorra's Box van vragen waarom hij dan niet getracht heeft om te voorkomen dat deze systeemcrisis zou plaatsvinden. Waarom had hij niet kunnen voorkomen dat deze crisis de Nederlandse belastingbetaler miljarden zou gaan kosten? Die vraag wil je natuurlijk niet voorgelegd krijgen als je aangeeft dat je het wel hebt zien aankomen.

Gezegd moet worden, dat Wellink wel degelijk via meerdere mededelingen in diverse media gewezen heeft op een verslechtering van de financiële crisis in 2008. De crisis die in Amerika toen al in alle hevigheid was losgebarsten zou ook voor Nederland gevolgen hebben. Zoveel had hij laten doorschemeren, maar een systeem-crisis waarbij van alles mis zou gaan, had volgens Wellink niemand kunnen voorzien. Kennelijk had Wellink wel vermoedens dat het niet heel erg verstandig is dat de Nederlandse grootbanken 4,5 keer de Nederlandse economie hadden geleend en hadden belegd in beleggingen waarvan de liquiditeit gedeeltelijk of volledig opdroogde, maar een systeemcrisis? Nee, dat kan niemand uit dergelijke macro-prudentiële kengetallen opmaken.

Nout Wellink die in 1997 als opvolger van Wim Duisenberg aantrad als president van De Nederlandsche Bank hield toezicht op de Nederlandse banken die in steeds excessievere mate krediet zijn gaan verlenen. Wellink zegt zelf dat met de kennis achteraf makkelijk praten is, maar dat was het vooraf ook. Dat komt omdat wereldwijd de geld- en kredietexpansie een exponentiële groeivoet volgde. Ook in Nederland. De statistieken zijn er helaas alleen niet op ingericht om dit in één oogopslag zichtbaar te maken. Niemand kan er om heen dat in Nederland de geaggregeerde hypotheekschuld van €138 miljard in 1996, naar €644 miljard in 2011 steeg. Dat is bijna een vervijfvoudiging in 15 jaar tijd; een periode waarin Nout Wellink toezicht hield op het reilen en zeilen van de Nederlandse grootbanken.

En DNB zou geen aanleiding hebben gezien om rekening te houden met een systeemcrisis? DNB heeft wat ons betreft of bewust niet gekeken naar systeemrisico's of heeft dit wel zien aankomen, maar kan dit onmogelijk toegeven. Met een dergelijke insteek bezien, is de ondervraging van de parlementaire enquêtecommissie op de conclusie van Wellink wel heel erg volgzaam geweest. Wellink sprak en de commissie accepteerde de antwoorden als voldoende. Wellink vertelde de commissie: “De Nederlandsche Bank, maar ook de Nederlandse overheid heeft de systeemcrisis niet gezien. Niemand wereldwijd, behalve wat onheilsprofeten, heeft het gezien.” Enfin, Wellink aan het woord:

“Ziende blind en horende doof”, is het gezegde wat ons betreft altijd aan Nout Wellink zal blijven kleven want zo makkelijk kan je er als eindverantwoordelijke niet van afkomen.

Zodra de commissie De Wit een derde deel zal gaan toevoegen aan haar onderzoek naar de totstandkoming en de gebeurtenissen van deze systeemcrisis (een derde deel dat iedereen nu al zou moeten kunnen voorzien), dan lijkt het ons geen onverstandige zet te zijn om in de voorbereiding eens lering te trekken uit de wijze waarop congresleden aan de andere kant van de oceaan de financiële kopstukken in Amerika ondervragen. Al deed de commissie De Wit dit alleen maar om de schijn van belangenbehartiging van de Nederlandse belastingbetaler op te houden.

Ter vergelijking met de ondervragingstechnieken van de commissie De Wit, congreslid Marcy Kaptur die in 2010 oud-president van de Federal Reserve New York en huidig minister van Financiën van Amerika ondervraagt, “Marcy Kaptur chews up Tim Geithner: