Voorlopig geen depositobank

De initiatiefnemers van de depositobank hebben besloten voorlopig niet verder te gaan met het opzetten van de eerste zogeheten full reserve bank in Nederland. De stichting Full Reserve, die al meer dan 2.000 inschrijvingen voor deze nieuwe bank wist te verzamelen, kreeg de Nederlandsche Bank niet zo ver om een uitzondering te maken voor deelname aan het depositogarantiestelsel. Daarmee zou een belangrijk speerpunt van de depositobank, namelijk ‘sparen zonder risico’, komen te vervallen.

Het concept van de depositobank is eigenlijk heel simpel. De bank parkeert spaartegoeden bij de ECB en biedt rekeninghouders alle gemakken zoals een betaalpas, internetbankieren, mobiel betalen en mogelijk zelfs geld opnemen uit de pinautomaten van andere banken, maar doet dat allemaal zonder ook tegelijkertijd geld uit te lenen.

stichting-full-reserve

Voorlopig geen depositobank

Veilige bank

Daarmee is de depositobank dus geen geldscheppende instantie, zoals alle andere commerciële banken die wel leningen verstrekken. En dat betekent dat een bank als de depositobank ook niet kan omvallen door een bankrun en niet in de problemen kan komen door een groot aantal slechte leningen op de balans.

De initiatiefnemers wilden met de depositobank een doorbraak forceren en spaarders de keuze geven tussen sparen bij een meer risicovolle bank (tegen rente) of sparen bij een veilige bank (zonder rente). Spaarders zouden met dit nieuwe alternatief geprikkeld worden na te denken over risico en rendement, maar juist daar loopt het nu op vast.

Depositiegarantiestelsel

Het grootste obstakel van de depositobank is het depositogarantiestelsel, dat spaarders tot €100.000 garandeert als een bank omvalt. Andere banken moeten deze verliezen opvangen, wat zou betekenen dat ook de spaarders bij de ‘veilige depositobank’ zouden moeten opdraaien voor de risico’s die de omvallende bank genomen heeft. En omdat de depositobank zonder winstoogmerk opereert zou dat in de praktijk betekenen dat hun spaarders het verlies mogen opvangen van de spaarders bij de omgevallen bank.

Door het depositogarantiestelsel op te rekken naar €100.000 voorkom je dat spaarders massaal met hun geld heen en weer gaan schuiven in tijden van crisis. Het maakt het financiële systeem dus meer schokbestendig. Maar de keerzijde van de medaille is dat het garantiestelsel iedere prikkel bij de spaarder wegneemt om een goede afweging te maken tussen risico en rendement. Het zorgt voor moreel gevaar, omdat het voor ieder individu aantrekkelijker wordt gemaakt om te sparen bij een bank die de hoogste rente oplevert, zo lang deze maar onder het garantiestelsel valt. Of de bank daar nou veel risico voor moet nemen, dat zal de meeste spaarders weinig interesseren.

Geen uitzondering

De Nederlandsche Bank kon naar eigen zeggen geen uitzondering maken voor de depositobank ten aanzien van de verplichte deelname aan het depositogarantiestelsel. En juist het krijgen van die ontheffing was een belangrijke stap in de oprichting van de eerste full reserve bank.

“DNB bleef op het standpunt staan dat er binnen de huidige kaders er geen mogelijkheid was om tot een vergunning te komen. We zouden ons aan regels moeten houden die duidelijk niet voor ons waren bedoeld. En er is in die zes maanden ook niet een traject opgestart om de obstakels uit de weg te ruimen. Zo krijg je nooit innovatie”, zo verklaarde initiatiefnemer Richard van der Linde tegenover het Financieel Dagblad.

Hoe nu verder?

De Nederlandsche Bank heeft volgens van der Linde de bevoegdheid om binnen de huidige wet- en regelgeving een vergunning te verlenen aan de depositobank. Hij is dan ook teleurgesteld dat de centrale bank niet alle middelen gebruikt heeft om de oprichting van de full reserve bank mogelijk te maken en een ontheffing te verlenen voor het depositogarantiestelsel.

Desondanks laat de DNB de deur op een kier staan. Martijn Pols, woordvoerder van de Nederlandsche Bank, zegt in een verklaring tegenover het Financieel Dagblad voorstander te zijn van nieuwe toetreders op de markt. Ook zei hij dat er misschien wat regels geschrapt moeten worden, omdat die niet meer uit het tijdperk 2015 komen. “Regelgeving volgt altijd de markt.”

Lees ook: