Het vertrouwen in de euro is in twaalf jaar tijd niet meer zo hoog geweest als nu, zo blijkt uit het nieuwe Eurobarometer onderzoek van de Europese Commissie. Onder de landen die de euro gebruiken was 73% van de respondenten positief over de gemeenschappelijke munt, het hoogste niveau sinds 2004.

Kijken we naar het gemiddelde van de Europese Unie – dus ook de landen die nog wel een eigen munt hebben – dan zien we dat het draagvlak voor de munt naar 60% gestegen is. Dat gebeurde voor het laatst in 2009, nog voor het uitbreken van de Europese schuldencrisis.

Het vertrouwen in de euro is het grootste in Luxemburg (85%), Slovenië (83%), Ierland (83%), Estland (83%), Duitsland (82%) en Slowakije (80%). De landen met het minste draagvlak voor de munt zijn Tsjechië, Zweden, Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Polen, landen die geen onderdeel uitmaken van de muntunie. In deze landen is minimaal zestig procent tegen de euro.

Uit de Eurobarometer blijkt ook dat meer mensen in de Europese Unie de toekomst met vertrouwen tegemoet ziet. Bij de laatste peiling gaf 56% aan vertrouwen te hebben in de EU, een stijging van zes procentpunt ten opzichte van de herfst van vorig jaar.

eurobarometer-historical

Vertrouwen in de euro naar hoogste niveau sinds 2004 (Bron: Europese Commissie)

eurobarometer-countries

Hoe kijkt men in verschillende landen tegen de euro aan? (Bron: Europese Commissie)