Exclusief: Exponentiële schuldengroei Nederland 1980-2010

Statistieken omtrent de totale schuldenlast van landen en bijbehorende uiteenzettingen aan welke specifieke economische groep die schulden toebehoren, zijn buitengewoon lastig om te vinden. Veelal worden deze statistieken niet integraal bij één instantie gepubliceerd en moeten dit soort statistieken (aan de hand van meerdere bronnen) samengesteld worden. De belemmeringen om in één oogopslag het totale plaatje over de schuldenontwikkeling in een lang te krijgen zijn groot. Dat komt onder andere omdat historische reeksen moeilijk te vinden zijn, cijfers veelal worden geïndexeerd en daardoor niet altijd eenvoudig zijn terug te rekenen en vaak zijn cijfers helemaal niet beschikbaar.

Echter, op basis van een paper “The real effects of debt” (“de echte effecten van schulden”), dat eind augustus 2011 verscheen op de website van de Bank of International Settlements (BIS), zijn we (na de nodige pogingen) erin geslaagd om een totaaloverzicht samen te stellen van de schuldontwikkeling over de periode 1980-2010 in Nederland. De publicatie van de BIS bevat historische cijfers afkomstig van de OESO, nationale statistieken en enkele eigen berekeningen van de auteurs Cecchetti, Mohanty en Zampolli. De gepubliceerde cijfers behandelen de ontwikkeling van de totale schulden van huishoudens, niet-financiële bedrijven en overheden van grote economieën.

Tot ons grote genoegen zijn hierbij ook cijfers ten aanzien van de Nederlandse economie opgenomen. Met deze cijfers en aanvullingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en De Nederlandsche Bank (DNB) (de schuldenpositie van financiële instellingen) hebben wij de bruto nominale schuldenlast in Nederland kunnen samenstellen en hebben wij exclusief een aantal grafieken voor u gemaakt.

Totale schulden huishoudens, niet-financiële instellingen en overheid Nederland (1980-2010)
De totale bruto schulden van Nederlandse huishoudens stegen van omgerekend €70,6 miljard in 1980 naar €765 miljard in 2010. Dit is meer dan een vertienvoudiging in dertig jaar tijd. Van die €765 miljard zit momenteel tenminste €644 miljard in hypotheken. Dat betekent dat Nederlandse huishoudens, naast de hypotheekschuld, in totaal voor zo’n €121 miljard in het rood staan.

Exponentiële schuldgroei Nederland
Exponentiële schuldgroei Nederland

Ook de staatsschuld en bedrijfsschulden stegen aanzienlijk. In 1980 bedroeg de schuldenlast van bedrijven zo’n €160 miljard, dertig jaar later is die schuldenlast meer dan verviervoudigd naar €712 miljard. Als percentage van het BBP is die schuldenlast overigens wel gedaald ten opzichte van 2000; van 140% van het BBP in 2000 naar 121% in 2010. De totale overheidsschuld was in 1990 zelfs goed voor 97% van het BBP en daalde in 2000 naar 67% in 2000, maar steeg de laatste jaren weer tot aan 76% in 2010.

Vreemd vermogen financiële instellingen
In de onderstaande grafiek hebben wij de schulden van financiële instellingen toegevoegd. In 2010 zijn bijna alle schulden in Nederland bij elkaar opgeteld iets meer dan €4 biljoen. In vergelijking met huishoudens, niet-financiële bedrijven en de overheid is de financiële sector in Nederland erg groot. De sector had in 2010 voor in totaal €2,1 biljoen aan vreemd vermogen aangetrokken.


Niet alleen is er een exponentiële groei zichtbaar, de stijging van de totale schulden ten opzichte van het bruto binnenlands product – ons jaarlijkse inkomen – is erg opvallend. De toename in de bruto schulden zorgen niet voor een grotere groei van de economie en dat is toch wat veel economen beweren. Deze cijfers weerspreken dit onomstotelijk.

Kanttekeningen
Overigens moeten wij als kanttekening bij deze grafieken zeggen dat het hier om de bruto schuldpositie gaat. Aan de andere kant van deze schulden staan ook bezittingen. Indien die twee vergeleken worden dan ontstaat een netto positie. Of die netto positie ofwel positief danwel negatief is durven wij niet te zeggen; deze cijfers zijn niet zonder meer samen te stellen. Eveneens moet rekening gehouden worden dat een groot deel van het vreemde vermogen dat financiële instellingen aantrekken afkomstig is van diezelfde huishoudens, bedrijven en overheden en ook aan diezelfde groepen wordt uitgeleend.

Schuldenlast als percentage van de economie
In de onderstaande grafiek zijn de totale schuldenlast van Nederlandse huishoudens, niet-financiële instellingen, overheid en financiële instellingen uitgedrukt als percentage van het BBP. Van een totale schuldenlast van 343% van het BBP in 1980 is die totale schuldenlast gegroeid naar bijna 700% van ons jaarlijkse inkomen. Anders gezegd, de Nederlandse economie is tot in het zevenvoudige gehefboomd!

Internationale vergelijking
Als we Nederland vergelijken met andere landen dan neemt Nederland de tweede plaats in na Groot-Brittannië en voor Japan. Het komt Nederland misschien wel heel erg goed uit dat het geen G10 land is. Immers, dan zou er meer aandacht zijn voor de omvang van de schuldenlast en zou Nederland vaker worden meegenomen in internationale vergelijkingen. Bij dergelijke vergelijkingen ontbreekt Nederland namelijk opvallend vaak (zeg maar stelselmatig). Echter, deze tweede plaats is er niet bepaald één om trots op te zijn.

De bruto Nederlandse schuldenlast wordt verklaard door de enorme omvang van de Nederlandse bancaire sector en hierbij speelt systeembank ING een grote rol. Eerder deze maand hebben we daar reeds aandacht aan besteed, want ING is met haar balanstotaal van ruim €1.200 miljard verantwoordelijk voor meer dan de helft van de schulden van Nederlandse financiële instellingen. De hefboom waarmee ING opereert – een hefboom van 26 – heeft tot gevolg dat de totale hefboom van de gehele Nederlandse economie eveneens toeneemt. En aangezien ING een systeembank is, geniet ING een impliciet garantie van de Nederlandse staat. Anders gezegd, die hefboom komt uiteindelijk bij de Nederlandse belastingbetaler te liggen.

Conclusie
Bij het bericht over ING sloten we af met de volgende zinnen: “Het is een eveneens een open vraag hoe lang dit nog goed gaat? Die vraag kunnen wij niet beantwoorden. Maar linksom of rechtsom, in Den Haag kan men bij een volgende crisis niet zeggen dat men het niet heeft geweten. Daarvoor is het al veel te laat.”

Hetzelfde kunnen we opnieuw zeggen, want de totale hoeveelheid schuld die in Nederland gemaakt is, is in één woord gigantisch. Dat is simpelweg het gevolg van een geldstelsel dat is gebaseerd op structurele jaarlijkse monetaire inflatie: via centraal en fractioneel bankieren wordt economische groei vanuit het niets gefinancierd en na verloop van tijd blijkt deze economische groei grotendeels fictief te zijn geweest. Belangrijker, de onderliggende schuldengroei blijkt exponentieel te zijn. Zoveel tonen de cijfers over de bruto Nederlandse schuldenlast aan. De Nederlandse schulden zijn exponentieel gegroeid en dat kan nooit goed gaan.